Op 2 april werd de concrete impact van de nieuwe meerwaardebelasting duidelijk. Omdat deze maatregel vanaf 1 januari 2026 effectief ingaat, zetten we de belangrijkste punten graag nog eens helder voor jou op een rij.
Welke activa vallen onder de nieuwe belasting?
De meerwaardebelasting viseert in principe meerwaarden op vier soorten financiële activa:
- Financiële instrumenten zoals aandelen, obligaties, afgeleide producten en emissierechten
- Bepaalde levensverzekeringen, waaronder tak 21, 22, 23, 26 en 44
- Cryptoactiva, in de brede zin (zoals tokens en NFT’s met investerings- of betalingsdoel)
- Geldmiddelen, met uitzondering van tegoeden op een betaalrekening en beleggingsgoud
Belangrijk: meerwaarden binnen groepsverzekeringen, pensioensparen en langetermijnsparen blijven buiten schot.
Drie regimes voor meerwaarden
De nieuwe regeling maakt een onderscheid tussen drie types van meerwaarden, elk met hun eigen fiscale behandeling
- Interne meerwaarde – tarief 33%
Een interne meerwaarde ontstaat wanneer je aandelen verkoopt aan een vennootschap die je zelf controleert (alleen of samen met jouw naaste familie).
Deze wordt belast aan 33%, zonder vrijstelling.
Dit kan bijvoorbeeld spelen bij overdrachten binnen de familie, zoals een verkoop aan een holdingstructuur waarin je zelf nog participeert.
- Meerwaarde bij aanmerkelijk belang
Je hebt een aanmerkelijk belang wanneer je minstens 20% van de aandelen bezit en deze verkoopt aan een onafhankelijke partij.
Hier geldt een vrijstelling tot 1 miljoen euro en daarna een progressief tarief:
- 0 – 1.000.000 EUR → 0%
- 1.000.001 – 2.500.000 EUR → 1,25%
- 2.500.001 – 5.000.000 EUR → 2,50%
- 5.000.001 – 10.000.000 EUR → 5%
- 10.000.000 EUR → 10%
Let op:
- Bij verkoop aan een vennootschap buiten de EER kan een tarief van 16,5% gelden.
- De grens van 20% wordt voortaan per persoon bekeken (niet meer samengeteld met familie).
- De vrijstelling van 1 miljoen euro geldt per periode van 5 jaar.
Goed om te weten: dit regime geldt ook voor aandelen in holding-, management- en patrimoniumvennootschappen.
- Standaardregime – tarief 10%
Voor alle andere meerwaarden geldt het standaardtarief van 10%.
Hier is er wel een vrijstelling:
- 10.000 EUR per persoon per jaar, geïndexeerd
- Niet-gebruikte vrijstelling kan oplopen tot 15.000 EUR (onder voorwaarden)
Dit biedt enige flexibiliteit voor wie niet jaarlijks meerwaarden realiseert.
Wat met minderwaarden?
Minderwaarden (verliezen) vanaf 1 januari 2026:
- Zijn aftrekbaar binnen dezelfde categorie en hetzelfde belastbare tijdperk
- Kunnen niet overgedragen worden naar volgende jaren
Vanaf wanneer geldt dit?
De nieuwe regeling is van toepassing op alle meer- en minderwaarden gerealiseerd vanaf 1 januari 2026.
In bepaalde gevallen kunnen historische meerwaarden vrijgesteld blijven. Hiervoor is een waardebepaling op 31 december 2025 noodzakelijk.
Samengevat
- De meerwaardebelasting treedt in werking op 1 januari 2026
- Ze is van toepassing op verschillende financiële activa, inclusief crypto
- Er zijn drie regimes:
- Interne meerwaarde: 33%
- Aanmerkelijk belang: vrijstelling tot 1 miljoen + progressieve tarieven
- Standaard: 10%
- Minderwaarden zijn beperkt aftrekbaar
De impact van deze nieuwe regels kan aanzienlijk zijn, zeker bij familiale overdrachten of de verkoop van een onderneming.
We raden aan om tijdig te bekijken wat dit voor jouw situatie betekent. Een goede voorbereiding vandaag kan een groot verschil maken in 2026.
Heb je vragen of wil je jouw situatie bespreken? We denken graag met je mee.